Vrijdagse vraag: Heb je iets moeten opgeven voor je transplantatie?

door

Of ik iets heb moeten opgeven voor mijn transplantatie? Het is een moeilijke vraag omdat ik het liefst wat ik wilde moest opgeven. Voor mijn transplantatie kon ik niets en erger mocht ik bijna niets, mijn transplantatie bracht mij alleen maar goeds. Meer dan goeds. Toen ik getransplanteerd werd en ook ervoor is er gepraat over het leven weer opnemen en alles weer kunnen.

Ik werd naar mijn gevoel in de transplantatie wereld geduwd met alleen maar positieve vooruitzichten. Het werd allemaal zo rooskleurig voor gesteld dat ik zelf als vijftienjarige vragen stelde in de zin van ‘wat als het niet goed gaat’. Maar daar moest ik me niet op focussen, alleen op het goede. Dus werd ik voor het eerst in mijn leven een gewone student die zelfs mocht afstuderen. Het was de mooiste tijd na mijn eerste transplantatie. Zelf met mijn rugzak op de rug van op de parking naar mijn lessen in het topje van het bijgebouw klimmen. Het was het beste gevoel ooit.

Toen mijn afstuderen in zicht kwam praatte ik uren met de artsen over de toekomst. Ik mocht en kon doen wat ik wilde. Wees gerust er zijn uren, dagen, weken gepraat aan deze keuze vooraf gegaan. En ik ging verder studeren met mijn nieuwe longen. Hoger onderwijs. Als negentien jarig meisje was het mijn grootste droom.

En toen gingen mijn longen afstoten.

Vanaf het moment dat ik voelde dat het niet ok was heb ik alles wat in mijn macht lag gedaan om het om te keren. Ik probeerde elke therapie die voorgesteld werd met beide handen aan te nemen en te laten slagen. Ik gaf mijn lichaam rust en slaap en werd nauwkeuriger dan ooit tevoren. Ik koos niet om thuis te blijven maar om meteen opgenomen te worden, want ik wilde niets liever dan mijn donorlongen gewoon weer aan het werk te krijgen.

Ik verloor in één klap mijn twee belangrijkste dingen. Mijn donor zijn longen en mijn grote droom om te gaan studeren. Een tweede transplantatie was twijfelachtig en als ik het kreeg waren er strenge voorwaarden. Niet meer studeren en nooit gaan werken waren er één van. Ik weet dat het banaal kan klinken maar op dat moment was studeren en gaan werken alles wat ik voor ogen had. Ik eindigde mijn eerste jaar hoger en begon mijn tweede jaar hoger in het ziekenhuis.

Omdat ik zo graag wilde, maar ook als overgang om los te laten. Vanaf ik op de wachtlijst stond liet ik het los.

Ik liet het studeren en het gaan werken los. Het grootste verlies waren echter de longen van mijn donor. Dat vond ik toen de oproep kwam zo ontzettend moeilijk. Dat ik zijn longen moest afgeven. Hoe vaak artsen ook vertelden dat het brute pech was, het kwam zo hard binnen. En dat blijft zo, ik vind het ontzettend jammer dat zijn longen en ik niet de perfecte match waren, maar hij liet me proeven van het leven, van het studeren en het genieten. Hij gaf me lucht en liet me ontdekken wat leven is zonder beperkingen is. Het waren twee prachtige jaren en hoewel ik het moest opgeven was het meer dan de moeite waard om mee te maken.

Achteraf gezien maakte ik de juiste keuze, studeren en gaan werken is niet langer belangrijk. Zijn en genieten. Met volle teugen van ieder moment. Dankbaar om de kansen, de jaren en alle mogelijkheden.

Dit wil je misschien ook lezen:

Laat een reactie achter

E-mail* ( is niet zichtbaar )

Scroll Up