SPORTEN NA EEN LONGTRANSPLANTATIE

 


Ik heb in mijn leven nooit mogen sporten, zelfs geen turnles op school. De reden hiervoor was dat mijn hart sowieso al extra moest werken om het gebrek aan mijn longen te compenseren. Ik had dus altijd een hoge hartslag. Ik kon ook gewoon niets, ik kon een beetje wandelen, op mijn tempo, maar vroeg me niet om in looppas eender wat te doen. Na mijn eerste transplantatie had ik totaal geen tijd voor sport, ik studeerde en dat was eigenlijk al vermoeiend genoeg.

 

Na mijn tweede transplantatie was ik echter zo verzwakt dat je mijn spieren zag hangen. Ik woog nog amper 26 kg en kon mij niet meer bewegen. Met niet meer bewegen bedoel ik dat ik niets anders kon dan mijn hoofd wat draaien. Ik ben wel enkele maanden voor mijn tweede transplantatie naar de revalidatie gegaan, maar toen ik daar na elke oefening flauw viel vonden mijn kinesisten het niet langer verantwoord om mij nog te laten revalideren. Toen de arts mij op een dag vroeg of ik even wou rechtstaan uit mijn bed, heb ik dat gedaan met als gevolg dat ik ineen gezakt ben en sindsdien niet meer kon staan wegens te zwak.

Eens de transplantatie voorbij was kwam de bikkelharde revalidatie. Van op de afdeling medium care kwam een kinesist mij meerdere malen per dag in beweging zetten. Op de transplantatie eenheid kwam kinesiste Kim elke vrije minuut dat ze had met mij oefeningen doen. Zij is het geweest die mij uiteindelijk recht gekregen heeft en mij alles weer heeft geleerd. Van mijn armen opheffen tot iets vast houden tot uiteindelijk weer lopen. Na mij ontslag uit het ziekenhuis heb ik 7 maanden lang gerevalideerd in het ziekenhuis, driemaal per week kwam ik langs om enkele uren te komen trainen. Ik heb in heel mijn leven nog nooit zoveel en zo vaak spierpijn gehad als toen.

Na de zeven maanden revalidatie vond ik dat het tijd was om mij eens te bewijzen en heb ik voor het eerst meegedaan aan een EK voor getransplanteerden. Enkel met atletiek had ik het erg moeilijk, met knikkende knieën liep ik toch de 100 m uit. Ondertussen neem ik sinds 2004 deel aan Spelen voor getransplanteerden, deze brachten mij al tot in Zweden, Kroatië, Australië, Argentinië … Op mijn palmares pagina kan je bekijken welke medailles is al won.

Sport is inmiddels een groot en belangrijk deel van mijn leven geworden. Ik sport alle dagen en ik ben lid van een badmintonclub en speel ik regelmatig samen met mijn dubbelpartner. Ik tennis samen met vriendlief. Ik sport dolgraag en geef me graag helemaal, je longen voelen werken is het zaligste gevoel dat er is. Qua ‘buiten adem’ zijn valt dit reuze mee, op training ben ik zelden buiten adem, hoewel ik tegen valide mensen speel. Op een tornooi is buiten adem zijn er wel bij, maar wel in de veel mindere mate dan voor de transplantaties. Het duurt ook veel minder lang eer mijn lichaam weer recupereert, dat gaat als niets.

Met te sporten wil ik ook het donorschap in een positief daglicht zetten, het is dankzij mijn donors dat ik dit allemaal kan meemaken. Dankzij hen is alles weer mogelijk en dat is het meest fantastische aan een transplantatie, de tweede kans.