Als het voelt zoals thuis komen

door

Terwijl ik bij min vier naar het station wandel bedenk ik me hoe vreemd en snel het gaat. Ik zeg het vaak, maar het leven vliegt sinds mijn transplantaties, hoe ik van een veilige bubbel in een hele nieuwe (transplantatie) wereld terecht kwam. Al het oude en vertrouwde moest ik achter laten, van longafdeling tot het revalidatiecentrum Pulderbos waar ik beiden vaak verbleef. Wachtend op de trein reken ik uit hoelang het geleden is dat ik het laatst in Pulderbos opgenomen was. En dan volgt de harde conclusie, vijftien jaar.

 

Negentien was ik. Vijftien jaar geleden was ik er voor het laatst en hoewel ik nog altijd probeer naar hun tweejaarlijkse tuinfeesten te gaan voelt het lang geleden. Vervaagd, een beetje, maar herinneren doe ik mij nog alles. En nu zat ik op de trein onderweg naar twee van mijn favoriete begeleiders/verpleegsters.

Meteen als ik ze hoorde ‘gillen’ omdat ze mij zagen op de grote photo IMG_6230_zps8gjxm45a.jpg trap van Antwerpen station wist ik dat er niets
veranderd is. Het voelde meteen als thuis komen. Alsof ik nooit was weg geweest. En dan liepen we de stad in, kletsen en lachend en het was heerlijk. Alsof ik 15 jaar terug de tijd was ingeblazen, maar dan zonder rolstoel of zuurstof tekort. We lunchten en haalden de hele dag herinneringen op. Mooie herinneringen, moeilijke herinneringen, grappige herinneringen. We blikten terug op alle mensen waarmee ik ooit gerevalideerd had, best confronterend. Weten dat we al zo vaak afscheid moesten nemen. Maar ook herinneringen over al het kattenkwaad dat we uithaalden of de keren dat we de begeleiding met schaamrood op de wangen gaven.

Meer nog, we hadden het over de gewone dagelijkse dingen terwijl we over de Meir liepen.

 photo IMG_6239_zpso9tlwjfo.jpgHet overviel mij af en toe wel, hoe snel de tijd is gegaan. Hoe ik door terug te gaan in de tijd meer dan ooit besefte hoe goed het momenteel is, hoeveel er mogelijk is. Hoe meer jaren er voorbij gaan hoe waardevoller ze worden. Hoe harder ik besef hoe goed het nu is. Vijftien jaar geleden waren zij het die mij telkens weer moed inspraken voor een zware rugoperatie en ook voor de transplantatie, de tweede transplantatie en nu wandelden we de hele dag door de stad. Op ‘gezonde’ mensen tempo met een winters zonnetje op onze snoet.

Ik weet nog goed dat ik vijftien jaar geleden één grote droom had, opgaan in de massa. Niet meer degene zijn waar mensen naar staarden of omkeken, maar degene die lachend en pratend door de stad loopt. Zoals nu. Met de grootste glimlach sprong ik mijn trein weer op na een heerlijke dag terug blikken en bij praten. Als ik uit de trein stap en naar huis wandel kijk ik rondom mij.

Niemand kijkt of staart.

Heerlijk.

Dit wil je misschien ook lezen:

Laat een reactie achter

E-mail* ( is niet zichtbaar )

Scroll Up